soaysheader

Soays het Schaap

Op de eilanden leeft er nu een kudde van zo'n 1500 wilde schapen. De laatste jaren zijn er ook kleine kuddes geïntroduceerd in dierentuinen en kinderboerderijen, alsook prive kuddes voor fokdoeleinden, teneinde een groter aantal mensen te bereiken en geïnteresseerd te doen geraken in dit speciale schapenras.

soays het schaap

Er wordt geloofd dat de Soay het eerste gedomesticeerde schapenras was dat naar Groot-Brittanië kwam rond 3000 voor Christus. Bewijs voor deze stelling komt van skeletten en af en toe overblijfselen een doek gevonden op archeologische sites. Beide bronnen verwijzen naar een ras vergelijkbaar met de Soay. Die op het vasteland zijn onderling gekruist of zijn uitgestorven, dus alleen op enkele eilandjes, zoals Soay, waar deze rassen hebben overleefd.

Uit onderzoek blijkt dat deze dieren van gemengde afkomst zijn. Hun waarschijnlijke voorouders waren het wilde Urial schaap van Centraal-Azië en de Mouflon van Mediterraan Europa. Welke van de twee de recentste invloed had op het ras is onmogelijk te zeggen, maar we kunnen wel met zekerheid zeggen dat zij even dicht staan tot de schapen van de latere Neolithische tijden als de dieren gevonden in het wild de dag van vandaag.

Hoe de kudde oorspronkelijk in het eiland werd geïntroduceerd is ietwat duister. Soay is in feite Noors voor schapeneiland, maar of de Noren verantwoordelijk waren voor hun invoer of hen eenvoudigweg gevonden hebben is niet duidelijk.

Voorafgaand aan de evacuatie van de St Kilda groep in 1930 waren de Soays beperkt tot een eiland van 10 hectare welk hun naam draagt. Ze waren maar van weinig waarde in een primitieve jachteconomie, en een of twee keer per jaar beklommen mannen de rotsen van Soay om op de schapen te gaan jagen, eerst met honden, later met wapens. Naar aanleiding van de evacuatie werd een kudde gekocht, eerst door Laird of Macleod en een jaar later door de toenmalige Marquis of Blute. Het was zijn wens om van St Kilda een natuurreservaat te maken en hij had een evenwichtige kudde van zo'n 107 ooien, rammen en lammetjes die overgebracht werden naar Hirta.

Al de kuddes op het vasteland en de andere eilanden komen oorspronkelijk van Soay en sommige aangekocht door de Duke of Bredford in 1910. Het was een weloverwogen 'beleid' van de hertogin om donker gekleurde dieren te fokken omdat ze dit beschouwde als de typische Soay kleur. De dag van vandaag zijn de meeste dieren ook inderdaad donkergekleurd.